Tilcotil Comp Sec 30 X 20mg
Op voorschrift
Geneesmiddel

Tilcotil Comp Sec 30 X 20mg

  € 12,00

information-circle Terugbetaalbaar

Als je recht hebt op een terugbetaling voor dit geneesmiddel, betaal je in de apotheek een verlaagde prijs en niet de prijs die op onze webshop vermeld staat.

Terugbetalingstarief

€ 2,13 (6% inclusief btw)

Verhoogde tegemoetkoming

€ 1,28 (6% inclusief btw)

Belangrijke informatie

Voor dit geneesmiddel is een voorschrift nodig. Na beoordeling door de apotheker kan je het komen afhalen en betalen in de apotheek.

Niet beschikbaar

Neem contact op met ons via telefoon of e-mail, dan bekijken we samen de mogelijkheden.

Het gelijktijdig gebruik van Tilcotil samen met NSAID's, de selectieve inhibitoren van cyclooxygenase-2 inbegrepen, moet worden vermeden. Het voorkomen van bijwerkingen kan worden verminderd door het gebruik van de laagste efficiënte dosis gedurende de kortst mogelijke periode nodig om de symptomen te verlichten (zie verder rubriek 4.2). Gastro-intestinale bloedingen, ulceraties en perforaties Gastro-intestinale bloedingen, ulceraties en perforaties, die fataal kunnen zijn, werden gerapporteerd met alle NSAID'S, ook met Tilcotil, op elk ogenblik van de behandeling, met of zonder waarschuwingssymptomen of antecedenten van ernstige gastro-intestinale verschijnselen. Tot op heden is geen enkele studie erin geslaagd om een subgroep van patiënten te identificeren die geen risico zou lopen voor een gastro-duodenaal ulcus en bloedingen. De frequentie van de bijwerkingen met NSAID's, meer in het bijzonder de gastro-intestinale bloedingen en de perforaties die fataal kunnen zijn, ligt hoger bij bejaarde personen. Zwakke patiënten blijken de ulceraties en de bloedingen minder goed te verdragen dan andere patiënten. Het merendeel van de fatale gastro-intestinale effecten geassocieerd met NSAID's komen voor bij bejaarde patiënten en/of bij zwakke patiënten. Bij patiënten met een ulcus-antecedent, vooral ingeval van complicaties met hemorragieën en perforaties (zie rubriek 4.3), evenals bij bejaarde patiënten is het risico op gastro-intestinale bloedingen, ulceraties of perforaties hoger wanneer men de dosis van NSAID's verhoogt. Deze patiënten beginnen de behandeling aan de laagst mogelijke dosis. Voor deze patiënten en voor de patiënten die tegelijkertijd een lage dosis acetylsalicylzuur of andere geneesmiddelen die het gastro-intestinaal risico zouden kunnen verhogen (zie hieronder en rubriek 4.5), zal men een behandeling instellen in combinatie met beschermende geneesmiddelen (zoals misoprostol of protonpomp-inhibitoren). NSAID's zullen met voorzichtigheid worden toegediend aan patiënten met antecedenten van inflammatoire intestinale aandoeningen (hemorragische rectocolitis, ziekte van Crohn), aangezien hun toestand kan verergeren. Patiënten met antecedenten van gastro-intestinale toxiciteit, in het bijzonder de bejaarde personen, moeten alle ongewone gastro-intestinale symptomen (in het bijzonder de gastro-intestinale bloedingen) melden, vooral in het begin van de behandeling. Indien zich een gastro-duodenaal ulcus of gastro-intestinale bloedingen zouden voordoen moet Tilcotil onmiddellijk worden gestopt. Voorzichtigheid is geboden bij patiënten die nog andere geneesmiddelen krijgen die het risico op ulceratie of bloeding zouden kunnen verhogen zoals orale corticosteroïden, anticoagulantia zoals warfarine, selectieve inhibitoren van de wederopname van serotonine of antiplaatjes aggregerende stoffen zoals acetylsalicylzuur (zie rubriek 4.5). Huidreacties Levensbedreigende huidreacties zoals exfoliatieve dermatitis, het syndroom van Stevens-Johnson (SJS) en toxische epidermale necrolyse (TEN), werden gerapporteerd in samenhang met het gebruik van Tilcotil (zie rubriek 4.8). Patiënten moeten geïnformeerd worden over de tekens en symptomen en moeten van nabij worden opgevolgd i.v.m. huidreacties. Het hoogste risico voor optreden van SJS en TEN doet zich voor gedurende de eerste weken van de behandeling. Wanneer symptomen of tekenen van SJS of TEN (bv. progressieve huiduitslag, dikwijls met blaren en mucosaletsels) optreden, moet de behandeling met Tilcotil worden stopgezet. De beste resultaten voor het behandelen van SJS en TEN worden behaald in geval van een vroege diagnose en onmiddellijk stopzetten van het verdachte geneesmiddel. Vroege stopzetting gaat samen met een betere prognose. Als de patiënt SJS of TEN ontwikkeld heeft in samenhang met het gebruik van Tilcotil, mag Tilcotil nooit meer opnieuw aan deze patiënt gegeven worden. Hematologische effecten Tenoxicam inhibeert de plaatjesaggregatie en kan de hemostase beïnvloeden. Er is geen significante invloed op de coagulatiefactoren van het bloed, op de coagulatietijd, op de prothrombinetijd of de geactiveerde thromboplastinetijd. Speciale aandacht is nodig wanneer Tilcotil wordt toegediend aan patiënten met coagulatiestoornissen of die een behandeling krijgen die interfereert met de hemostase. Cardiovasculaire en cerebrovasculaire effecten Een adequate opvolging en aanbevelingen zijn nodig bij patiënten met antecedenten van hypertensie en/of lichte tot matige hartinsufficiëntie omdat gevallen van natriumretentie en oedeemvorming werden gerapporteerd in relatie tot een behandeling met NSAID's. Klinische studies en epidemiologische gegevens suggereren dat het gebruik van selectieve remmers van cyclo-oxygenase-2 en bepaalde NSAID's (vooral wanneer ze worden gebruikt bij hoge doses en gedurende een lange tijd) kan gepaard gaan met een lichte verhoging van het risico op arteriële trombotische bijwerkingen (bv. myocardinfarct of cerebrovasculair accident). Deze gegevens zijn op dit ogenblik niet voldoende om een verhoging van dit risico voor tenoxicam uit te sluiten. Patiënten met niet gecontroleerde hypertensie, een congestieve hartinsufficiëntie, een gestabiliseerde ischemische cardiomyopathie, een perifere arteriële aandoening en/of antecedenten van cerebrovasculair accident mogen niet worden behandeld met tenoxicam tenzij na een grondig vooronderzoek. Bij patiënten die risicofactoren vertonen voor cardiovasculaire pathologieën (zoals hypertensie, hyperlipidemie, diabetes of roken) moeten met dezelfde aandacht worden onderzocht vooraleer een behandeling op lange termijn wordt opgestart. Oculaire effecten Bijwerkingen aan de ogen werden gerapporteerd met NSAID's, ook met Tilcotil. Het verdient dus aanbeveling om een oftalmologisch onderzoek uit te voeren bij patiënten die gezichtsstoornissen vertonen. Koortswerende effecten Zoals andere NSAID's kan Tilcotil de gewone symptomen van een infectie maskeren. Patiënten met gekende erfelijke ziekten Patiënten met zeldzame erfelijke aandoeningen als galactose-intolerantie, algehele lactasedeficiëntie of glucose-galactose malabsorptie, dienen dit geneesmiddel niet te gebruiken. Zoals bij andere niet-steroïdale anti-inflammatoire middelen moeten bij de toediening van Tilcotil verschillende voorzorgsmaatregels worden genomen. Door hun inhibitorisch effect op de renale synthese van prostaglandines kunnen NSAID's de renale hemodynamica negatief beïnvloeden evenals de verdeling van de natriumionen. Het is dus nodig om de hart- en nierfuncties te controleren (ureum, creatinine, optreden van oedeem, gewichtstoename,…) wanneer Tilcotil wordt toegediend aan patiënten die een verhoogd risico lopen om een nierinsufficiëntie te ontwikkelen: - bij een vooraf bestaande nierziekte; - bij een nierstoornis bij een diabetespatiënt; - bij levercirrose; - bij congestieve hartdecompensatie; - bij hypovolemie; - in geval van een gelijktijdige behandeling met producten die potentieel nefrotoxisch zijn, diuretica, corticosteroïden. Deze patiënten lopen een bijzonder risico tijdens de peri- en postoperatieve fazen van een zware chirurgische ingreep ingeval van zwaar bloedverlies. De hypovolemie moet worden gecorrigeerd voor de toediening van Tilcotil en bovendien mag de maximale dosis van 40 mg/dag niet worden overschreden. Deze patiënten moeten van dichtbij worden gevolgd tijdens de postoperatieve periode en tijdens de convalescentie. Tenoxicam inhibeert de plaatjesaggregatie en kan de hemostase beïnvloeden. Het heeft geen significante invloed op de coagulatiefactoren van het bloed, de bloedingstijd, de prothrombinetijd of de geactiveerde thromboplastinetijd. Wanneer Tilcotil wordt toegediend aan patiënten die coagulatieproblemen hebben of die een behandeling krijgen die interfereert met de hemostase zullen die patiënten met meer aandacht worden opgevolgd. Omdat Tilcotil sterk bindt aan plasmaproteïnen is voorzichtigheid geboden wanneer het plasmagehalte van albumine sterk is gedaald (bv. in geval van nefrotisch syndroom), of wanneer men tegelijkertijd andere geneesmiddelen toedient die ook sterk binden aan proteïnen en waarmee Tilcotil op dat vlak in competitie zou kunnen gaan (orale anticoagulantia, hypoglycemiërende sulfamiden, salicylaten (zie ook rubriek 4.5). De nodige voorzorgsmaatregelen moeten worden genomen wanneer Tilcotil met bepaalde andere geneesmiddelen wordt gecombineerd: zie rubriek 4.5.

  • Symptomatische behandeling van de volgende pijnlijke inflammatoire aandoeningen en degeneratieve stoornissen van het bewegingsstelsel:
    • reumatoïde artritis
    • behandeling van korte duur van inflammatoire opstoten van artrose
    • spondylartritis ankylosans
    • abarticulair reuma zoals tendinitis, bursitis, periartritis van de schouder of de heup
    • acute jicht
    • Behandeling van postoperatieve pijn en primaire dysmenorroe
  • De werkzame stof in dit middel is tenoxicam (20 mg).

  • De andere stoffen in dit middel zijn:

  • tabletkern: lactose, maïszetmeel, talk, magnesiumstearaat;

  • omhulling: hypromellose, talk, titaniumdioxide (E171), geel ijzeroxide (E172).

Indien u volgende geneesmiddelen gebruikt dient u het advies van uw arts te vragen en dit op te volgen:

  • geneesmiddelen die het bloed meer vloeibaar maken (anticoagulantia),

  • geneesmiddelen die de bloedstolling vertragen (stoffen die plaatjesaggregatie tegengaan),

  • geneesmiddelen die het teveel aan suiker in het bloed behandelen (orale antidiabetica),

  • geneesmiddelen tegen koorts (salicylaten) en andere anti-inflammatoire stoffen (gelijktijdige toediening van Tilcotil met deze geneesmiddelen dient te worden vermeden omwille van een verhoogd risico op bijwerkingen ter hoogte van de maag en de darmen),

  • geneesmiddelen die de productie van urine bevorderen (diuretica) en geneesmiddelen die een te hoge bloeddruk behandelen (antihypertensiva): er bestaat een risico op afname van de nierfunctie met bepaalde diuretica en een risico voor opstapeling van water (oedeem) met vermindering van het therapeutisch waterafdrijvend effect en van het bloedrukverlagend effect,

  • geneesmiddelen die mogelijk toxisch zijn voor de nieren (nefrotoxisch),

  • lithium (geneesmiddel tegen depressie),

  • methotrexaat (geneesmiddel bij bepaalde vormen van kanker, psoriasis (huidaandoening) en reumatoïde polyarthritis (gewrichtsreuma)),

  • geneesmiddelen gebruikt in geval van depressie (inhibitoren van de wederopname van serotonine),

  • colestyramine (geneesmiddelen om het gehalte aan cholesterol te verminderen),

  • probenecide (geneesmiddel dat wordt gebruikt om de concentratie van urinezuur in het bloed te verlagen; behandeling van jicht),

  • ciclosporine (geneesmiddel gebruikt om afstoting van een getransplanteerd orgaan te voorkomen).

4.8 Bijwerkingen In de klinische studies waarin een groot aantal patiënten werden opgenomen, bleek Tilcotil goed verdragen te worden in de aanbevolen dosering. De gemelde bijwerkingen waren over het algemeen goedaardig en voorbijgaand. Ze hebben slechts bij een klein aantal patiënten geleid tot stopzetting van de behandeling. De frequentie van de mogelijke bijwerkingen die hieronder worden opgesomd wordt als volgt gedefinieerd: - Zeer vaak (1/10); - Vaak (1/100, <1/10); - Soms(1/1 000, <1/100); - Zelden (1/10 000, <1/1 000); - Zeerzelden (<1/10 000) - Niet bekend (kan met de beschikbare gegevens niet worden bepaald). De volgende bijwerkingen werden gerapporteerd: Bloed- en lymfestelselaandoeningen Niet bekend: anemie, agranulocytose, leukopenie, thrombocytopenie. Immuunsysteemaandoeningen Niet bekend: overgevoeligheidsreacties zoals dyspneu, astma, anafylaxie, Quincke-oedeem. Voedings- en stofwisselingsstoornissen Soms: verminderde eetlust. Psychische stoornissen Soms: slaapstoornissen. Niet bekend: verwarde toestand, hallucinaties. Zenuwstelselaandoeningen Vaak : duizeligheid, hoofdpijn. Niet bekend: paresthesie, slaperigheid. Oogaandoeningen Niet bekend: visusstoornissen (zoals stoornissen van het gezichtsvermogen en wazig zien). Evenwichtsorgaan- en ooraandoeningen Soms: vertigo. Hartaandoeningen Soms: palpitaties. Niet bekend: hartfalen. Bloedvataandoeningen Niet bekend: hypertensie, vasculitis. Maag-darmstelselaandoeningen Vaak : epigastrische en abdominale malaise, dyspepsie, misselijkheid. Soms: gastro-intestinale bloeding (waaronder hematemesis en melaena), maagdarmzweren, constipatie, diarree, braken, buccale ulceratie, gastritis, droge mond. Zeer zelden: pancreatitis. Niet bekend: gastro-intestinale perforatie, verergering van colitis en de ziekte van Crohn (zie rubriek 4.4), flatulentie. Lever- en galaandoeningen Soms: verhoging van de activiteit van de leverenzymen. Niet bekend: hepatitis. Huid- en onderhuidaandoeningen Soms: jeuk, erytheem, huiduitslag, urticaria Zeer zelden: het syndroom van Stevens-Johnson (SJS) en toxische epidermale necrolyse (TEN) (zie rubriek 4.4) Niet bekend: fotosensibiliteitsreactie, fixed drug eruption (erythema fixatum) Nier- en urinewegaandoeningen Soms: verhoging van ureumstikstof of creatinine in het bloed Voortplantingsstelsel- en borstaandoeningen Niet bekend: onvruchtbaarheid bij vrouwen Algemene aandoeningen en toedieningsplaatsstoornissen Soms: vermoeidheid, oedeem. Post-marketing - Het waargenomen veiligheidsprofiel sinds het product op de markt werd gebracht, komt overeen met de gegevens die tijdens de klinische studies genoteerd werden. - Geïsoleerde gevallen van onvruchtbaarheid bij de vrouw werden gerapporteerd met cyclo-oxygenaseremmers en prostaglandinesynthese-inhibitoren, waaronder tenoxicam. - Hart- en bloedvataandoeningen: oedeem, hypertensie en hartinsufficiëntie werden gerapporteerd in associatie met een behandeling met NSAID's. Klinische studies en epidemiologische gegevens suggereren dat het gebruik van selectieve cycloxygenase-2-inhibitoren en bepaalde NSAID's(vooral wanneer ze bij hoge dosissen en gedurende lange tijd worden gebruikt) kan mogelijk in verband worden gebracht met een lichte verhoging van het risico op arteriële trombotische evenementen (zoals een myocardinfarct of een cerebrovasculair accident) (zie rubriek 4.4). - Hoewel men voor tenoxicam geen verhoging van het aantal trombotische evenementen zoals een myocardinfarct heeft gezien, is het aantal gegevens niet voldoende om een dergelijk risico met tenoxicam uit te sluiten. Melding van vermoedelijke bijwerkingen Het is belangrijk om na toelating van het geneesmiddel vermoedelijke bijwerkingen te melden. Op deze wijze kan de verhouding tussen voordelen en risico's van het geneesmiddel voortdurend worden gevolgd. Beroepsbeoefenaren in de gezondheidszorg wordt verzocht alle vermoedelijke bijwerkingen te melden via België Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en Gezondheidsproducten www.fagg.be Afdeling Vigilantie Website: www.eenbijwerkingmelden.be E-mail: adr@fagg-afmps.be

Tilcotil is tegenaangewezen in volgende gevallen:
• overgevoeligheid voor het werkzame bestanddeel of voor één van de in rubriek Lijst van hulpstoffen vermelde hulpstoffen
• patiënten bij wie salicylaten of niet-steroïde anti-inflammatoire middelen (NSAI) symptomen van astma, rhinitis, urticaria, oedeem van Quincke of anafylaxie (hypotensie, shock) veroorzaken;
• patiënten die lijden of geleden hebben aan gastro-intestinale perforaties of bloedingen, die verband houden met een vorige behandeling met NSAI;
• patiënten die lijden of geleden hebben aan frequent voorkomende hemorragieën of gastro-duodenale zweren (tenminste 2 afzonderlijke perioden van bewezen zweren of bloedingen);
• patiënten die overgevoelig zijn aan tenoxicam, aan één van de hulpstoffen van Tilcotil of aan andere NSAI;
• patiënten met een galactoseintolerantie, bv. een galactosemie of een syndroom van malabsorptie van glucose en galactose of een deficiëntie aan Lapp lactase (zeldzame erfelijke aandoeningen).
• ernstige hartinsufficiëntie;
• 3e trimester van de zwangerschap.

Zwangerschap Inhibitie van de prostaglandinesynthese kan de zwangerschap en/of de embryofoetale ontwikkeling ongunstig beïnvloeden. Gegevens uit epidemiologische studies suggereren een verhoogd risico op een miskraam en op cardiale misvorming en gastroschisis na gebruik van prostaglandinesyntheseremmers in de vroege zwangerschap. Het absolute risico op cardiovasculaire misvormingen was gestegen van minder dan 1% tot ongeveer 1,5%. Er wordt aangenomen dat het risico stijgt met de dosis en de duur van de behandeling. Dierproeven hebben aangetoond dat de toediening van een prostaglandinesyntheseremmer resulteert in een toename van pre- en postimplantatieverlies en embryofoetale letaliteit. Bovendien zijn er verhoogde incidenties gerapporteerd van diverse misvormingen, waaronder ook cardiovasculaire, bij dieren die prostaglandinesyntheseremmers toegediend kregen tijdens de organogenese. Vanaf week 20 van de zwangerschap kan het gebruik van tenoxicam leiden tot oligohydramnion als gevolg van renale disfunctie in de fœtus. Deze aandoening kan kort na aanvang van de behandeling optreden en is doorgaans reversibel na stopzetting daarvan. Bovendien zijn er meldingen geweest van vernauwing van de ductus arteriosus na behandeling in het tweede trimester, waarvan het merendeel werd verholpen na stopzetting van de behandeling. Derhalve mag tijdens het eerste en tweede trimester van de zwangerschap tenoxicam niet gebruikt worden, tenzij strikt noodzakelijk. Indien tenoxicam gebruikt wordt bij een vrouw die zwanger wenst te worden, of tijdens het eerste en tweede trimester van de zwangerschap, moet de dosis zo laag en de duur zo kort mogelijk gehouden worden. Vanaf week 20 van de zwangerschap moet bij vrouwen die verschillende dagen worden blootgesteld aan tenoxicam worden overwogen om antenatale controles op oligohydramnion en vernauwing van de ductus arteriosus uit te voeren. De behandeling met tenoxicam moet worden stopgezet als er oligohydramnion of vernauwing van de ductus arteriosus wordt vastgesteld. Tijdens het derde trimester van de zwangerschap kunnen alle prostaglandinesyntheseremmers: - de foetus blootstellen aan: - cardiopulmonaire toxiciteit (voortijdige vernauwing/sluiting van de ductus arteriosus en pulmonaire hypertensie) - nierfunctiestoornissen, die kunnen evolueren naar nierfalen met oligohydramnion (zie hierboven) - de moeder en pasgeborene, bij het einde van de zwangerschap, blootstellen aan: - een mogelijke verlenging van de bloedingstijd, een anti-aggregerend effect dat zelfs bij zeer lage dosissen kan ontstaan - inhibitie van de baarmoedercontractiesleidend tot een uitgestelde of verlengde bevalling Daarom is tenoxicam niet aangewezen tijdens het derde trimester van de zwangerschap. (zie rubriek 4.3 en 5.3) Tilcotil wordt niet aanbevolen voor analgesie in de verloskunde, noch voor verloskundige heelkunde.

Volwassenen

  • Gebruikelijke dosis: 20 mg (1 filmomhulde tablet) éénmaal per dag bij voorkeur telkens op hetzelfde tijdstip van de dag
  • Postoperatieve pijn : de aanbevolen dosering bedraagt 40 mg éénmaal per dag gedurende maximum 5 dagen
  • Dagelijkse onderhoudsdosering: 10 mg

Toedieningswijze

  • De filmomhulde tabletten worden oraal ingenomen met een glas water tijdens een maaltijd.
CNK 0054502
Organisaties Viatris
Merken Viatris
Breedte 45 mm
Lengte 120 mm
Diepte 17 mm
Hoeveelheid verpakking 30
Actieve ingrediënten tenoxicam
Behoud Kamertemperatuur (15°C - 25°C)